Spotlight Effect

Online archief van het ter ziele blog Spotlight Effect

De verneukte beeldcultuur

01 maart 2008 by Elsbeth Asbeek Brusse

Over de invloed van de media op de seksualisering van de maatschappij

Dit artikel verscheen onlangs in Medium, het tijdschrift voor communicatiewetenschap.

We worden er dagelijks mee geconfronteerd; gewillige dames in videoclips, seksuele escapades in reallifesoaps, billboards met schaars geklede stoeipoezen en tienermeisjes die seksuele handelingen verrichten voor een flesje prik. De zogenoemde ‘seksualisering van de maatschappij’ beleeft hoogtijdagen en de media spelen hierin een belangrijke rol. In de Emancipatienota van minister Plasterk wordt deze ontwikkeling ter discussie gesteld. Waar sommige politici vinden dat er hiermee een soort nieuwe preutsheid wordt bepleit, achten anderen ingrijpen vanuit de overheid noodzakelijk. Maar is deze ontwikkeling echt zo slecht en is overheidsbemoeienis wel gewenst?

Casualisering van seksualiteit
Hoewel ‘sex sells’ tegenwoordig geen onbekend fenomeen meer is, lijkt er de laatste tijd een toename te zijn van de hoeveelheid seks waarmee de kijker via de media geconfronteerd wordt. Er is momenteel een maatschappelijke discussie waarin men vraagtekens plaatst bij de portrettering van meisjes en vrouwen als lustobject, onhaalbare schoonheidsidealen en de toenemende vercommercialisering en seksualisering van het vrouwelijk lichaam in de media, zo stelt minister Plasterk in zijn Emancipatienota. Jochen Peter, universitair hoofddocent bij Communicatiewetenschap (UvA), doet onderzoek naar de invloed van blootstelling aan online seksueel expliciet materiaal op de seksuele socialisatie van adolescenten. Volgens Peter is er niet alleen sprake van een kwantitatieve toename van seksualiserende content, maar is er ook een kwalitatieve verschuiving. Seksualiteit in de media is explicieter geworden en dringt meer door tot de mainstream media. Wat vroeger alleen op de Wallen en in de videotheek verkrijgbaar was, is nu makkelijker en via meerdere mediatypen beschikbaar. Ook zijn de discussies over seks veranderd. Waar in de jaren ’50 de discussie was of seks voor het huwelijk wel mocht, is het vandaag de dag meer de vraag of seks wel ok is als je met die persoon eigenlijk niks wilt. Daarin zie je een duidelijke casualisering van seksualiteit.

Playboyvagina’s
Er is tevens een sterke tegenbeweging zichtbaar van vrouwen die protesteren tegen de portrettering van vrouwen als lustobjecten. Zij verzetten zich tegen onhaalbare schoonheidsidealen, de vercommercialisering van het vrouwelijk lichaam en de toename van plastisch-chirurgische ingrepen. In de documentaire ‘Beperkt Houdbaar’ laat documentairemaakster Sunny Bergman zien hoezeer vrouwen tegenwoordig worden be�nvloed door een onrealistisch schoonheidsideaal en de grote invloed van de media op deze ontwikkeling. Makers van glossymagazines, feministen, wetenschappers, artsen en vrouwen met en zonder chirurgisch gecorrigeerde playboyvagina’s komen aan het woord. Bergman laat zien dat vrouwen een vertekend beeld van de werkelijkheid krijgen door alle ‘gephotoshopte’ vrouwbeelden die zij om zich heen zien. Dit zorgt ervoor dat zij zich gaan vergelijken met en streven naar een onbereikbaar ideaalbeeld dat niet realistisch is.

Pure ranzigheid
Ook Ariel Levi spreek zich uit over de zogenaamde ‘bimbocultuur’. In haar debuut ‘Female Chauvinist Pigs: Women and the Rise of Raunch Culture’ (2005) verbaast zij zich over de normalisering van “pure ranzigheid” en de actieve rol die vrouwen hierin spelen. Strippers op televisie die de kijker gedetailleerd uitleggen hoe een man het beste tot een orgasme te brengen, de kledingkeuze van Charlie’s Angels in de gelijknamige film uit 2000, de overdaad aan videoclips waarin vrouwen zich welwillend aan de mannelijke blik tentoonstellen; Levi heeft er geen goed woord voor over. Ze bestrijdt de stelling dat de vrouw van nu seksueel bevrijd is en het feminisme geslaagd is in haar doelen. Daarentegen maakt zij plausibel dat vrouwen tot pornografisch lustobject zijn gemaakt door onder meer de massamedia, met daarin een grote rol weggelegd voor de muziekindustrie, televisie en tijdschriften met tevens de alomtegenwoordige reclame-uitingen. Volgens Levi is dit geen bevrijding, maar juist een beklemmend en vernederend keurslijf.

Homogene boodschap
Er is volgens Jochen Peter geen sprake van een makkelijk stimulusrespons model, waarin geldt ‘monkey see, monkey do’. Dit wordt echter wel vaak aangenomen in de publieke discussie. Hij denkt daarentegen wel, dat met name seksueel expliciete inhouden een relatief sterk effect kunnen hebben op bepaalde typen mensen. We zien het relatief sterk in seksuele attitudes en in houdingen tegenover het andere geslacht. Dat zijn robuuste resultaten die we al uit de jaren ’80 kennen en die we tegenwoordig ook onder adolescenten zien. Er zijn verschillende redenen die dit zouden kunnen verklaren. Peter: Ten eerste is de pornografische portrettering van seksualiteit redelijk homogeen; de boodschap is eigenlijk steeds hetzelfde. Ten tweede wordt dit vooral door jongeren als ontzettend realistisch waargenomen; ze zijn minder in staat om te relativeren. Voor internetpornografie geldt daarbij ook dat er een nu nieuwe golf is waarin jongeren zelf gaan participeren, waarbij mensen heel intieme dingen op het internet publiceren. Daardoor wordt bij veel mensen de indruk gewekt dat dit iets ontzettend realistisch is. Bij adolescenten is dit nog sterker, omdat zij relatief weinig ervaring hebben.

Seksuele muziekclips
Ook sociaal psychologe dr. Saskia Schwinghammer, verbonden aan de Universiteit van Tilburg (UvT), erkent de invloed van seksuele inhoud in de media. Zij deed onlangs onderzoek naar de effecten van seksualiserende muziekclips op jonge meiden tussen de 12 en 16 jaar. De meisjes werden blootgesteld aan ofwel een aantal muziekclips met seksuele en stereotype beelden van vrouwen, ofwel aan een aantal neutrale muziekclips. Uit de resultaten bleek, dat de meiden die de seksueel getinte muziekclips hadden gezien zich sterk met de vrouwen in de clips vergeleken. Ook zagen zij zichzelf meer als een object. Schwinghammer: “Vrouwen worden in seksuele muziekclips vaak tot seksuele objecten gereduceerd. Daardoor kan het zo zijn dat de kijkers van zulke clips zichzelf ook als object gaan zien. Dit bleek dramatisch toe te nemen na het zien van de seksuele clips, evenals de mate van lichaamsschaamte.” In een andere studie deed Schwinghammer onderzoek naar de effecten van clips op jongens tussen de 15 en 17 jaar, met het verschil dat de jongens in dit onderzoek ofwel muziekclips met seksuele en stereotype beelden van vrouwen te zien kregen waarin zij geen duidelijke functie vervulden maar vooral afgebeeld werden als lustobject, of beelden van vrouwelijke rolmodellen. Dit waren mooie, aantrekkelijke vrouwen die wel een functie vervulden, zoals een debatterende politica en een presentatrice van een reisprogramma. Na het zien van de seksuele clips bleken de jongens veel traditioneler ingesteld te zijn dan na het zien van rolmodellen. Zo was deze groep het in sterkere mate eens met stellingen als ‘Een vrouw mag werken, maar haar belangrijkste taak is moeder zijn’. Dit gold ook voor stellingen als ‘Als vrouwen te slim zijn is dat niet goed voor henzelf’ en ‘Vrouwen zijn emotionele wezens en kunnen minder helder nadenken dan mannen’, wat duidt op een toename van seksisme. Schwinghammer: “Als je bedenkt dat het hier slechts een blootstelling van 15 minuten betreft en mannen het vervolgens meer met deze stellingen eens zijn, dan geeft dat natuurlijk wel te denken. Zeker als je bedenkt dat jongeren in het echte leven erg veel naar dit soort zenders kijken en dus veel van dit soort beelden zien.”

Onbewust effect
Saskia Schwinghammer deed ook onderzoek naar de effecten van onrealistische ideaalbeelden in de media. “Er is al veel bekend over de negatieve effecten hiervan, zoals lichaamsontevredenheid, lichaamsschaamte, depressiviteit en eetstoornissen. Ik onderzoek vooral hoe je deze effecten tegen kunt gaan. Ik dacht, als je mensen nu bewust maakt van het feit dat die foto’s niet echt zijn, dat die schoonheid niet echt is, dan kan het best zijn dat die effecten niet meer optreden. En dit bleek ook zo te zijn.” Zij toonde eerst beelden met mooie, sexy en schaars geklede modellen, waarna de ene groep studentes een samenvatting las van een feministisch boek van Naomi Wolf dat het huidige onrealistische schoonheidsideaal kritisch bespreekt. De andere groep las een samenvatting van een zogenoemde ‘chicklit’ roman. Vervolgens bleek dat de studentes die ‘chicklit’ hadden gelezen, minder tevreden waren met hun lichaam. Bewustmaking van het feit dat de beelden niet realistisch zijn, bleek dus te leiden tot een positiever lichaamsbeeld en heeft dus wel degelijk effect.

Schwinghammer: “Mensen roepen vaak ‘Maar we weten toch dat het nep is! Je moet wel erg dom zijn om je hierdoor te laten benvloeden!’, maar dit onderzoek dat gedaan is onder universitaire studenten (dus geen domme vrouwen) toont aan dat we ons dus nog niet genoeg bewust zijn van de onechtheid van de beelden die we in de media zien. Deze beelden worden vaak ongemerkt opgenomen en de effecten hiervan kunnen zich manifesteren op een onbewust niveau. Als je mensen vervolgens bewust maakt van het feit dat het geen realistische weergave van de werkelijkheid is, dan zie je dat ze voor dat effect corrigeren en de negatieve gevolgen verminderen.”

Opleiden in plaats van beschermen
Minister Plasterk stelt in de Emancipatienota dat het belangrijk is dat meisjes en jongens op school, thuis en via hun ‘eigen media’ kritisch leren omgaan met de geseksualiseerde cultuur en weerbaar worden tegen seksueel geweld. Volgens Jochen Peter kan het geen kwaad om jongeren hierover op te leiden. “Maar let wel, opleiden in plaats van beschermen. Als je jongeren kunt leren dit niet als realistische of betrouwbare informatie te zien, heb je al veel bereikt.” Peter is sceptisch of ouders en scholen een grote invloed kunnen uitoefenen. “Persoonlijk denk ik dat de seksuele opinie van peers het belangrijkst is. Er zijn altijd leden van een peergroup die een grote invloed hebben. Als je die bereikt, zullen de anderen het overnemen.” Voor ouders ziet hij meer een indirecte rol weggelegd waarin zij hun kinderen bepaalde normen en waarden bijbrengen. Schwinghammer vindt het daarentegen goed om aandacht te besteden op scholen aan wat er allemaal te zien is op tv en internet. “Met name als je jong bent, heeft de omgeving en de sociale norm een grote invloed op het zelfbeeld. Internet, tv en bladen creëren een bepaalde seksuele sociale norm en die beinvloedt het gedrag, attitudes, normen en waarden van jongeren. Ik denk dat het op scholen aanbieden van een cursus mediabewustzijn en groepsdiscussies (onder professionele leiding) over zelfbeeld en de invloed van anderen hierop positieve effecten kunnen hebben. Onlangs heb ik bij een bijeenkomst over dit onderwerp van jongeren begrepen dat aan dit soort zaken nog geen aandacht wordt besteed op scholen, maar dat daar juist wel een grote behoefte aan is.”

Sex vs. tabak
Een ander plan dat Plasterk formuleert in de Emancipatienota, is om bij de omroepen aan te dringen op zelfregulering. Volgens Peter is dit niet realistisch voor commerciële omroepen. “Zij doen wat de klant wil. Zolang sex sells, zullen zij het blijven aanbieden. Als het de kijker/lezer niet meer interesseert of de omroepen zich willen profileren als politiek correct, zouden ze het wel doen, maar we kunnen niet aannemen dat omdat er nu zo’n nota is, dat dit zo makkelijk gebeurt.” Ook Schwinghammer staat sceptisch tegenover het plan voor zelfregulering: “Enerzijds lijkt het me gevaarlijk als de overheid zich gaat bemoeien met wat er op tv te zien is; we leven immers in een vrij land. Daarentegen heeft de overheid tabaksreclames verboden omdat roken schadelijk is voor de gezondheid. Uit Amerikaans en Nederlands onderzoek blijkt dat seksualiserende beelden onder andere tot eetstoornissen, depressiviteit, lichaamsschaamte en een slecht zelfbeeld kunnen leiden. Dat vind ik ook een risico voor de volksgezondheid. Als je dan bedenkt dat de overheid zich in het verleden wel heeft bemoeid met tabaksreclames, zou je je kunnen afvragen waarom de overheid nu geen richtlijnen opstelt voor reclames als het over aantrekkelijkheid gaat of het afbeelden van vrouwelijk schoon.”

Kritische houding
Wat nu te doen met onze seksualiserende maatschappij? Volgens Schwinghammer is het goed een soort weerbaarheid te creëren bij jongeren, waarbij zij leren dat wat zij zien in de media niet echt is en aantrekkelijkheid niet het belangrijkst. “Blij zijn met jezelf, dat is eigenlijk de boodschap en dat minder laten afhangen van hoe anderen eruit zien.”

Wat zij ook zou ondersteunen is minder seksuele beelden in openbare ruimtes. “Is dat nou nodig, zo’n enorm billboard van een ‘gephotoshopte’ halfnaakte vrouw? Het is gewoon in your face, je kunt er niet omheen. Daar zou ik mee beginnen.” Ook een ‘photoshopvrij’-actie, zoals Sunny Bergman bedacht, vindt Schwinghammer een goed plan. “Door het plaatsen van een Photoshop-logo bij bewerkte plaatjes maak je mensen bewust van het feit dat het niet echt is.”

Of dit de meest effectieve oplossing zal zijn, is vooralsnog niet duidelijk. Maar een kritische houding ten opzichte van een ontwikkeling waarin ‘sex sells’ een understatement lijkt te zijn, is in de huidige samenleving geen overbodige luxe.

 

Verwijzingen:

Nota ‘Meer kansen voor vrouwen. Emancipatiebeleid 2008-2011′

Levi, A. (2005). Female Chauvinist Pigs: Women and the Rise of Raunch Culture. New York: Free Press.

 

 

Elsbeth Asbeek Brusse

Elsbeth is onlangs begonnen aan haar PhD-project over entertainment-education aan de Universiteit van Amsterdam. Zij onderzoekt op welke manier mensen kunnen worden aangezet tot prosociaal gedrag met behulp van entertainmentproducties. Voor Spotlight Effect schrijft zij over onderwerpen die raken aan haar vakgebied: communicatiewetenschap en sociale psychologie.

More Posts - Website

Elsbeth is onlangs begonnen aan haar PhD-project over entertainment-education aan de Universiteit van Amsterdam. Zij onderzoekt op welke manier mensen kunnen worden aangezet tot prosociaal gedrag met behulp van entertainmentproducties. Voor Spotlight Effect schrijft zij over onderwerpen die raken aan haar vakgebied: communicatiewetenschap en sociale psychologie.

2 comments | Categories: media, Politieke communicatie